Wethouder moet cultuursubsidies verantwoorden

Morgen besluit de gemeenteraad over de nieuwe Cultuurnota. Ik ben bepaald niet trots op het eindresultaat.De wethouder heeft tot nu toe geweigerd te goed aan te geven waarom de door hem voorgestelde subsidieontvangers juist de organisaties en evenementen zijn die er het best voor kunnen zorgen dat de gewenste doelen worden bereikt.

Er is voor de gemeenteraad dus geen helderheid over de relaties tussen de doelen en de cultuurbegroting.

Organisaties die bij uitstek voldoen aan de doelstellingen van het beleid, zoals het Mondriaanhuis of De Kamers in Vathorst, krijgen veel te weinig geld en van sommige andere evenementen is het onduidelijk waarom ze opeens veel meer krijgen.

Wat nu gebeurt is dat er een grote versnippering van het budget plaatsvindt. Heel veel organisaties krijgen een beetje geld. Te weinig om echt bijzondere dingen te doen, maar net te veel om te moeten stoppen. Zo blijft het aanmodderen.

Wij willen juist gemeenschapsgeld besteden aan de echt bijzondere dingen die een grote meerwaarde hebben voor de stad en de inwoners.

Overigens moet het ook helemaal niet vanzelfsprekend zijn dat een culturele instelling overheidsgeld krijgt. Alleen als het echt niet anders kan, dan behoort wat het CDA betreft subsidie tot de mogelijkheden.

Dat er ook heel veel moois mogelijk is zonder subsidie bewijst het dorpsfeest van Hoogland. Een van de meest gewaardeerde evenementen, dat ook nog eens past bij de beleidsdoelen gebruikt nul euro subsidie.

Dat dat niet voor alle culturele activiteiten kan gelden, snap ik ook wel. Maar aan de vanzelfsprekendheid waarmee sommige culturele instanties hun hand ophouden bij de gemeente mag wat mij betreft zo snel mogelijk een einde komen.

Roland Offereins © 2014